GUTTMAN  II  (GÁRDOS)  Béla,  Trainer

Guttman Béla
Guttman Béla

Geboren : 13 maart 1900 (Budapest - Hongarije)
Overleden : 28 augustus 1981 (Wenen - Oostenrijk)
Club(s) :
als speler: MTK Budapest (1921-'22), SK Hakoah Wien (Oostenrijk, 1922-'26), New York Giants (USA, 1926-'28, 83 wedstrijden, 2 goals), Hakoah All-Stars (USA), New York Soccer Club (USA), Hakoah All-Stars (USA, 1931-'33).
als trainer: SK Hakoah Wien (Oostenrijk,1933-'35), Enschede (Nederland), Nederlands nationaal team (?), Újpest Dozsa, Ciocanul Bucuresti (1946-'47), Kispest-Honvéd Budapest (1947-'48), vervolgens in Italië van 1949 tot 1956, bij Padova, Triestina, AC Milan (1954-'55) en Lanerossi Vicenza, São Paulo FC (Brazilië, 1957-'58), Braziliaans nationaal team (?), Porto (Portugal, 1958-'59), Portugese nationale ploeg (1959-'60), Benfica (Portugal, 1959-'62), Peñarol (Uruguay, 1962), Oostenrijks nationaal trainer (1963-'65), Benfica (Portugal, 1965-'66), Servette Geneve (Zwitserland), Geneva (Zwitserland), Panathinaikos (Griekenland, Athene), Porto (Portugal)
Positie : Centraal middenveldspeler/Trainer

Biografie :
Guttman Béla was een speler met wereldklasse in Hongarije, Oostenrijk en de Verenigde Staten, alvorens één van de meest succesvolle trainers in de voetbalgeschiedenis te worden. Als speler en coach met een 40-jarige carrière, was hij actief in verschillende landen, zoals Hongarije, Oostenrijk, Roemenië, Nederland, Italië, Brazilië, Uruguay, de Verenigde Staten, Zwitserland, Griekenland en Portugal !
Hij wordt ook beschouwd als de architect van het legendarische 4-2-4 systeem, dat Brazilië toeliet de internationale voetbalscène te domineren in de jaren 1950, '60 en '70. Hij ontwikkelde dat systeem terwijl hij Saö Paulo en de Braziliaanse nationale ploeg coachte. Hij steunde zich hierbij op het pionierswerk dat vóór hem verricht was door zijn illustere landgenoten Bukovi Márton en Sebes Gusztáv.

SK Hakoah Wien, kampioen van Oostenrijk 1925 Béla in het shirt van Hakoah (1925)
SK Hakoah Wien, kampioen van Oostenrijk 1925,
met o.a. Guttman Béla.
Béla in het shirt van Hakoah (1925)

Carrière als speler:
Guttman speelde in de jaren '20 als halfback bij het clubteam MTK Budapest en hielp deze het Hongaars kampioenschap te winnen in 1921 en 1922. Hij speelde viermaal voor de Hongaarse nationale ploeg. Zijn eerste wedstrijd ging thuis tegen Duitsland op 5 juni 1921 (winst met 3-0, waarbij hij 1x scoorde) en zijn laatste speelde hij tijdens de Olympische Spelen in Frankrijk tegen Egypte op 29 mei 1924 (verlies met 0-3).
Na MTK ging hij in Oostenrijk spelen bij SK Hakoah Wien, een toen uitstekend Joods team, waarmee hij heel wat Europese topploegen zou verslaan, zoals bv. de Engelse Bekerwinnaar West Ham United en kampioen Wolverhampton Wanderers. In 1925 werd hij met Hakoah kampioen van Oostenrijk.
Guttman maakte in 1926 deel uit van Hakoah wanneer deze een aantal wedstrijden in de Verenigde Staten ging spelen. Hij zou één van de vele spelers zijn van die ploeg die in de Verenigde Staten zouden blijven om in de Top American League, de ASL (American Soccer League), te spelen. Hij ondertekende een contract bij de New York Giants voor het seizoen 1926-27 en speelde er 35 wedstrijden als center-halfback. Het volgend jaar speelde hij 43 wedstrijden en scoorde twee doelpunten. Na een deel van het seizoen 1928-29 in de Eastern Soccer League (een rivaal van de ASL) gespeeld te hebben, ging Guttman bij de New York Soccer Club spelen, toen de twee bonden samengingen. In de lente van 1929 won hij de 'U.S. Open Cup medal', wanneer Hakoah zijn tegenstrever Madison Kennel Club of St. Louis in de finale versloeg. In de zomer van 1930 ging hij in Zuid-Amerika op rondreis met Hakoah, waar hij toen bij aangesloten was. In 1933 beëindigde hij zijn ASDL-carrière met de Hakoah All-Stars, een team dat samengesteld was uit voormalige Hakoah Wien sterren. Gedurende zijn ganse loopbaan bij de ASL, speelde Guttman 186 wedstrijden.

Guttman aan het werk bij Hakoah Wien
Guttman aan het werk bij Hakoah Wien
(2de van rechts).

Carrière als trainer:
Guttman beëindigde zijn loopbaan als speler in 1933, ging terug naar Oostenrijk en begon bij SK Hakoah Wien aan een indrukwekkende carrière als trainer, die tot in 1974 zou doorlopen. Na Hakoah vertrok hij naar Nederland, waar hij kampioen speelde met Enschede. Vervolgens ging het huiswaarts naar Budapest waar hij bij Újpest Dozsa te werk ging en de club naar de landstitel voerde na het seizoen 1938-'39.
Guttman had de faam een scherpzinnig charmante man te zijn, die al vlug het vertrouwen én het respect kon winnen van zijn spelers. Hij kon het beste uit hen halen, zijn tactiek bouwend op hun sterke punten en hun zwakke punten verbeterend. Het was ook een erg principieel man. In 1947 nam hij de taak als trainer van Kispest-Honvéd over van Puskás Ferenc Sr, de vader van de wereldbefaamde speler. Toen hij in een bepaalde wedstrijd een verdediger wou vervangen, gelaste Puskás, de speler, dat die man op het terrein moest blijven staan. Guttman verliet onmiddellijk de club, zeggende dat hij het respect van de spelers verloren had door dat incident.
Van 1949 tot 1956 trainde hij ploegen in Italië, waarbij AC Milan. Guttman was tevens de coach die Honvéd in 1956 leidde op hun 'illegale' rondreis in Brazilië, waarna hij in dat land bleef om er kampioen te worden met São Paulo (seizoen 1957-'58).
Vandaar ging het naar Portugal met Porto en de Portugese nationale ploeg. Toen kwam de club waarbij hij beroemd zou worden, Benfica Lissabon. Dat prachtige Benfica omvatte spelers zoals Eusebio (door Béla ontdekt in Mozambique), Mario Coluna, Costa Pereira, Jose Aguas en Mario Simoes. En met dat Benfica werd hij tweemaal landskampioen en veroverde hij tweemaal de Beker voor Landskampioenen (in 1961 door Barcelona met 3-2 te verslaan en vervolgens Real Madrid met 5-3 in 1962). Eén van deze Europabekers werd dus, ironisch genoeg, gewonnen tegen het Real Madrid van Puskás, niettegenstaande deze laatste de drie Real goals scoorde. Na de wedstrijd zouden Guttman en Puskás, samen met nog een aantal andere voetbalprominenten, zoals Mandi Gyula, Emil Osterreicher en Hidegkuti Nándor, in Brussel dineren. Daar spraken ze over het bewuste incident bij Kispest-Honvéd, maar geen van beiden hechte daar nog veel belang aan. Wanneer Puskás later zelf trainer werd, vroeg hij Guttman ten andere zelf dikwijls om raad.
Guttman bleef bij Benfica van 1959 tot 1962, tot hij in de clinch ging met de nieuwe voorzitter. Hij verhuisde dan naar Uruguay, waar hij opnieuw kampioen speelde met Peñarol in 1962.


  DE 'VLOEK VAN GUTTMAN'.
DE 'VLOEK VAN GUTTMAN'.


Guttman Béla won dus met Benfica tweemaal de Europese Beker voor Landskampioenen. Nadat hij in 1962 voor de tweede maal op rij de Europa Cup I aan de club bezorgd had. door Real Madrid te verslaan, ging hij een salarisverhoging vragen bij het bestuur van de club. Voorzitter António Carlos Cabral Fezas Vital wilde daar echter niets van weten. Hij wees zijn succestrainer met nul op het rekest de deur. Ziedend pakte Guttman zijn biezen. Voordat hij de deur boos achter zich dicht gooide, vervloekte hij de club die hem ooit zo lief was: “Benfica no volverá a ser campeón europeo sin mí. Me voy” (Zonder mij zal Benfica nooit meer Europees kampioen worden. Ik ben weg.")
En wat blijkt: tot nu toe (september 2013) speelde Benfica sindsdien nog meerdere Europese Bekerfinales (*), maar moest er telkens de duimen leggen...
Destijds zal niemand de vloek van de Hongaarse charismatische trainer serieus genomen hebben, maar Benfica-fans wijten dit herhaaldelijk falen nu toch aan 'La singular maldición del Benfica'.
Het bracht Eusebio er in 1990 zelfs toe om naar het graf van Guttmann in Wenen te gaan, waar Benfica het toen in de finale van de Europa Cup I moest opnemen tegen AC Milan. Frank Rijkaard, scoorde voor Milan de enige treffer van de wedstrijd. De meest bijgelovige Benfica-fan hield het er ongetwijfeld op na dat Guttmann toen in de 68e minuut heel even in het lichaam van Rijkaard was geslopen.
Die 'vloek' lijkt inderdaad te werken!...
----------------
(*) Europa Cup I/Champions League: AC Milaan in1963 en 1990, Inter Milan in 1965, Manchester United in 1968, PSV in1988 en Chelsea in 2013.
Daarnaast nog een verloren finale voor de UEFA Cup tegen Anderlecht in 1983.


Benevens een voetbalautoriteit, was de Joodse Guttman Béla ook eigenaar van een balletschool en imponeerde door zijn elegante speelwijze. Hij werd tevens opgenomen als lid van de 'International Jewish Sports Hall of Fame'.
Guttman Béla, eerst internationale voetbalster en vervolgens onvergetelijke trainer met wereldklasse, overleed in Wenen op 28 augustus 1981, op 81-jarige leeftijd.

Klassieke 2-3-5 Systeem WM Systeem 4-2-4
Klassieke 2-3-5
Systeem WM
Systeem 4-2-4

Systeem 4-2-4:
Het algemeen gebruikt systeem was in de jaren '40, het Engelse WM systeem (3-2-2-3), gecreëerd in het midden van de jaren '20 door Herbert Chapman van Arsenal. Gezien atletische midvoors op dat ogenblik niet voorradig waren in Hongarije, bedacht Bukovi Márton, trainer van MTK Bp., een systeem om dat probleem te omzeilen. Hij begon te experimenteren met ploegopstellingen en realiseerde zich al vlug dat door de midvoor dieper in punt te laten spelen, de binnenspelers enigszins meer naar achter konden acteren. Door dan vervolgens één van de middenveldspelers in de verdediging te posteren, had zijn team tegen ploegen met de traditionele 2-3-5 opstelling een overwicht op het middenveld én in de aanval. Met de zo bekomen WW opstelling was de basis gelegd voor een 4-2-4. Bukovi moedigde verder nog de spelers aan onderling van positie te wisselen, om op die manier het soort voetbal te creëren dat de Nederlanders later tot het 'totaal voetbal' zouden omdopen.
Twee andere Hongaarse trainers, Guttmann Béla en Sebes Gustáv, hadden enigszins andere ideeën over het opbouwen van een team. Guttman trok niet de binnenspelers naar achter terug, maar wel enigszins de midvoor, terwijl een tweede middenveldspeler de verdediging ging ondersteunen. Op die manier kreeg me vier verdedigers, twee spelverdelers en vier aanvallers. Dit patroon werd ten volle benut door Sebes voor het grote Hongaarse nationale team van de jaren '50, met als resultaat heel wat averij bij tegenstrevers met een strengere tactische opstelling. Guttman zou het systeem verfijnen en meenemen naar Brazilië na de Hongaarse opstand van 1956, met de gekende successen als gevolg.

Béla met de ploeg van Benfica Guttman bleef graag van alles op de hoogte.
Béla met de ploeg van Benfica waarmee hij op 31 mei 1961 de Europabeker voor Landskampioenen won tegen Barcelona:
onder: Neto, Cruz, Guttman Béla (trainer), Germano, Saraiva, Costa Pereira, Artur Santos en Ângelo.
onder: Mário João, José Augusto, Santana, José Águas, Coluna, Cavém en Serra.
Guttman bleef graag van alles op de hoogte.
Guttman Béla samen met Eusebio en Mário Coluna
Guttman Béla samen met Eusebio en Mário Coluna, waarmee hij met Benfica op 2 mei 1962 voor de tweede maal achtereenvolgens de Europabeker voor Landskampioenen won, ditmaal tegen Real Madrid.

ERELIJST :

Clubs als speler:
  * 2x Hongaars kampioen met MTK in 1921 en 1922
  * Oostenrijks kampioen met Hakoah in 1925
  * U.S. Open Cup medaille met Hakoah All-Stars (USA) in 1929

Clubs als trainer:  
  * Kampioen van Nederland met Enschede      
  * Hongaars kampioen met Újpest Dozsa in 1939  
  * Kampioen van Italië met AC Milan in 1955
  * Kampioen van Brazilië met São Paulo FC in 1958
  * 2x Kampioen van Portugal met Benfica
  * Bekerwinnaar in Portugal met Benfica  
  * 2x Europese Beker voor Landskampioenen met Benfica in 1961 (tegen FC Barcelona 3-2) en 1962 (tegen Real Madrid 5-3)
  * Kampioen van Uruguay in 1962 met Peñarol

Nationaal elftal :

* als speler:
  * 4 caps
  * 1 goal
  * Deelname Olympische Spelen in Parijs 1924

 

Hakoah-Wien
Spelers van Hakoah-Wien

Logo SC Hakoah-WienSPORT CLUB HAKOAH-WIEN

Een paar Oostenrijkse Joden, cabaretier-librettist Fritz 'Beda' Löhrner en tandarts Ignaz Herman Körner, stichtten de club in 1909, als reactie op de Arische wetten die Joden wilden uitsluiten uit de sportclubs. Beïnvloed door Max Nordau's doctrine van 'Muscular Judaism', noemden zij de club "Hakoah", wat 'de kracht' in het Hebreeuws betekende.

Hakoah-Wien was een volledig Joodse Oostenrijkse sportclub wiens beroemde voetbalclub het Oostenrijks Nationaal Kampioenschap won in het seizoen 1924-'25 en tweede eindigde in 1921-'22. Dit buitengewoon team trok Joodse voetbalspelers aan uit verschillende landen en won een wereldwijde reputatie door zijn talrijke reizen.
Hakoah-Wien was de eerste internationale club die er in slaagde tegen een Engels team in Engeland te winnen, namelijk door Groot-Brittannië's Westham of London Club met 50 te verslaan in 1923.

Hakoah-Wien's topspelers omvatten o.a. Guttmann Béla, Eisenhoffer József, Fabian Sándor, Richard Fried, Max Gold, Max Grunwald, Jozsef Grunfeld, Alois Hess, Moritz Hausler, 'Fuss' Heinrich, Norbert Katz, Alexander Nemes-Neufeld, Egon Pollak, Max Scheuer, Alfred Schoenfeld, Erno Schwarz, Joseph Stross, Jacob Wagner en Max Wortmann.

In 1926 ondernam het team een succesvolle rondreis in de Verenigde Staten. Hun wedstrijd in New York City's Polo Grounds trok 46.000 toeschouwers, een record in die tijd. Veel van de clubspelers, onder de indruk van het relatief ontbreken van antisemitisme, beslisten in de Verenigde Staten te blijven en het aanbod van Amerikaanse clubs aan te nemen. Een aantal van die spelers richtten een club op, de Hakoah All-Stars genaamd, die de U.S. Open Cup won in 1929. Aan paar spelers trokken naar Palestina en stichtten daar de Hakoah Tel-Aviv voetbalblub. Het verlies van zoveel getalenteerde spelers maakte effectief een einde aan de competitiviteit van de Oostenrijkse voetbalclub.

Hakoah-Wien, de moedervereniging van de beroemde voetbalclub was de grootste sportorganisatie van de wereld in die tijd, met meer dan 5.000 aangesloten leden en een heel breed aanbod van sportactiviteiten.
Bij de opkomst van het nazisme ontbond de club zichzelf en werd na Wereldoorlog II op een meer bescheiden schaal terug opgericht.